Nieuws | 19 oktober 2018

Innovatieve plastisch chirurgische ingrepen verhogen kwaliteit van leven na borstreconstructie

Microchirurgische ingrepen gericht op vochtophoping en gevoelsverlies in borst na behandeling

Microchirurgische ingrepen bij twee veelvoorkomende bijwerkingen na een borstkankerbehandeling dragen sterk bij aan het verbeteren van de kwaliteit van leven. Het gaat om de behandeling van lymfoedeem door het aanleggen van een verbinding tussen lymfe- en bloedvaten (lymfo-veneuze anastomose) en het aansluiten van een gevoelszenuw bij een borstreconstructie met eigen buikweefsel (DIEP-lap). Dit blijkt uit het promotieonderzoek van plastisch chirurg in opleiding Anouk Cornelissen, verbonden aan het Maastricht UMC+.

Plastisch chirurg Stefania Tuinder (midden) tijdens een borstreconstructiePlastisch chirurg Stefania Tuinder (midden) tijdens een borstreconstructieLymfoedeem (ophoping van vocht) en het verlies van gevoel in de borst zijn bekende bijwerkingen na (preventieve) borstkankerbehandeling. Nog niet eerder werd er onderzoek gedaan naar het effect van deze ingrepen op de kwaliteit van leven van vrouwen na borstkankerbehandeling. Cornelissen hoopt dat de resultaten zullen leiden tot betere zorg: "De ingrepen zijn veelbelovend en bieden perspectief voor vrouwen na borstkankerbehandeling." Vanwege het maatschappelijke belang van het onderzoek, werd er door de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (ZonMw) een flinke subsidie toegekend voor vervolgonderzoek.

Bijwerkingen borstkanker
Eén op de 7 vrouwen krijgt gedurende haar leven borstkanker. Borstkanker is hiermee de meest voorkomende kanker bij vrouwen. Omdat de behandeling sterk verbeterd is door ontwikkelingen in borstkankerscreening, chemotherapie, radiotherapie en hormonale therapie, overleven steeds meer vrouwen borstkanker. Door betere screening beginnen vrouwen ook steeds jonger met (preventieve) borstkankerbehandelingen en moeten zij dus langer leven met de gevolgen ervan. Hierdoor is er de laatste jaren meer aandacht voor borstreconstructies en aanvullende behandelingen die gericht zijn op de kwaliteit van leven. Dit wordt gemeten aan de hand van verschillende factoren zoals psychologisch en mentaal functioneren, tevredenheid met de borst, sociale activiteiten en seksueel functioneren. Cornelissen heeft zich in haar onderzoek gefocust op twee veelvoorkomende bijwerkingen die hier grote invloed op hebben, namelijk: lymfoedeem en het verlies van gevoel in de borst.

Lymfo-veneuze anastomose (LVA)
Lymfoedeem is een ernstige chronische aandoening, waarbij een zwelling ontstaat door een ophoping van vocht. Jaarlijks worden ongeveer 15.000 vrouwen gediagnosticeerd met borstkanker. Hiervan ontwikkelt 7 tot 49 procent lymfoedeem. Dit is afhankelijk van factoren zoals de locatie van de lymfeklier maar vooral het soort ingreep. Vaak is het een gevolg van borstkankerbehandeling. Momenteel wordt lymfoedeem behandeld door middel van het masseren van de arm en het dragen van een kous. Dit vermindert de klachten maar geneest ze niet. Cornelissen heeft in haar onderzoek gekeken naar het effect van de lymfo-veneuze anastomose (LVA) ingreep op de kwaliteit van leven van 20 vrouwen met een lymfoedeem. Met deze nieuwe behandeling wordt door middel van een microchirurgische ingreep één of meerdere verbindingen gemaakt tussen lymfevaten en kleine bloedvaten om het vocht af te voeren en de zwelling te verlichten. Uit de resultaten blijkt dat er bij 90% van de betrokken patiënten sprake was van een significante verbetering in de kwaliteit van leven.

Herstel van gevoel in de borst
Het verlies van gevoel is een bijwerking die bijna alle vrouwen ervaren na een borstkankerbehandeling. Hoewel het technisch gezien goed mogelijk is voor plastisch chirurgen om zenuwen om te leggen om het gevoel te herstellen, is het geen standaard ingreep. Dit komt doordat er in het verleden meestal de prioriteit werd gegeven aan esthetisch resultaat, waardoor er nog weinig onderzoek gedaan is naar het herstellen van gevoel in de borst, laat staan naar de invloed op de kwaliteit van leven. Cornelissen heeft zich in haar onderzoek gericht op patiënten die een borstreconstructie hebben ondergaan via de DIEP-lap methode. Daarbij wordt de hele borst gereconstrueerd met eigen buikweefsel. In deze thesis werd getracht de kwaliteit van leven van deze vrouwen te verbeteren door een extra gevoelszenuw microchirurgisch aan te sluiten. Het aansluiten van deze gevoelszenuw gebeurt niet standaard, het idee is dat hierdoor het gevoel in de gereconstrueerde borst verbetert. De resultaten van de eerste vrouwen die onderzocht werden door Cornelissen laten zien dat de kwaliteit van leven bij vrouwen die een diep-lap borstreconstructie ondergingen met zenuw, gemiddeld gezien beter was dan de kwaliteit van leven bij vrouwen die een diep-lap borstreconstructie ondergingen zonder gevoelszenuwaansluiting.

Vervolg
Cornelissen en het hele onderzoeksteam van het Maastricht UMC+ zijn blij met deze uitkomsten en hoopt dat de resultaten leiden tot betere zorg: "De huidige behandeling van lymfoedeem is voor de patiënt nog sterk invaliderend en het belang van gevoelsherstel in de borst is lang onderschat. Deze resultaten laten zien dat beide ingrepen een overtuigende bijdrage leveren aan het welzijn van de patiënt."
Dat de resultaten van het onderzoek van Cornelissen overtuigend zijn, blijkt uit het feit dat er door de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (ZonMw) al een subsidie is verleend voor vervolgonderzoek. Dit tot grote tevredenheid van de Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie (NVPC): "Op basis van deze resultaten staat er nu een grootschalig onderzoek gepland, waar meerdere ziekenhuizen aan zullen bijdragen. Dat de overheid het vervolgonderzoek financiert, onderschrijft het maatschappelijke belang van deze uitkomsten" aldus Stefania Tuinder, plastisch chirurg en copromotor van dit proefschrift van het Maastricht UMC+.