Nieuws | 15 juli 2016

Menselijke stofwisseling nauwelijks beïnvloed door darmbacteriën

Microbioom wellicht toch niet de sleutel tot succes bij chronisch metabole ziektes

Drastische verandering van de bacteriesamenstelling in het maagdarmstelsel door antibiotica heeft geen duidelijke effecten op de stofwisseling van het menselijk lichaam. De darmbacteriën lijken dan ook een veel minder belangrijke rol te spelen bij de ontwikkeling van obesitas en andere metabole ziekten dan veel onderzoeken suggereren. Wetenschappers van het Maastricht UMC+ en de Universiteit Maastricht trekken hun conclusies na uitvoerig onderzoek bij bijna zestig mannen met overgewicht. De resultaten werden deze week gepubliceerd in het toonaangevende wetenschappelijk tijdschrift Cell Metabolism.

Onderzoek naar de miljarden bacteriën in het maagdarmstelsel, ook wel microbioom genoemd, is momenteel een hot topic in de wetenschappelijke wereld. Uit verschillende studies zou blijken dat het minuscule leven onder meer een belangrijk rol speelt bij de ontwikkeling van obesitas en type 2 diabetes mellitus. Bacteriën kunnen bijvoorbeeld voedingsstoffen afbreken die normaliter onverteerbaar zijn. De afbraakproducten zouden mogelijk een invloed hebben op verschillende processen in het lichaam. Er is echter weinig onderzoek uitgevoerd naar deze effecten bij mensen om de vermoedens ook daadwerkelijk te bevestigen.

Gal- en vetzuren
Om de invloed van het microbioom op de stofwisseling te kunnen bepalen kregen 57 mannen met obesitas een week lang een antibioticakuur (of een placebo). Toediening van het middel vancomycine zorgde voor een ontregeling van de bacteriesamenstelling in het maagdarmstelsel. Als gevolg daalde de productie van galzuren en korte-keten vetzuren. Beiden worden geproduceerd door diverse bacteriesoorten. Van zowel galzuren als korte-keten vetzuren wordt verondersteld dat ze bescherming bieden tegen metabole ziekten, zoals obesitas en type 2 diabetes. Ondanks de verlaging van beide typen zuren bleek er echter nauwelijks iets te gebeuren met de stofwisseling van de deelnemers aan het onderzoek.

Risicofactoren
Er zijn diverse processen in de stofwisseling waarvan een verstoring kan leiden tot metabole ziekten, zoals bijvoorbeeld: het ontstaan van insulineresistentie, verstoringen in de energiehuishouding, ontstekingsfactoren en de doorlaatbaarheid van de darm. Deze (en nog een aantal andere factoren) bleken echter allemaal onveranderd na het ontregelen van het microbiotisch leven in het maagdarmkanaal in vergelijking met de mensen die een placebo kregen. Zelfs acht weken na het stoppen van de antibioticakuur was de bacteriesamenstelling nog steeds veranderd en bleken er geen noemenswaardige veranderingen in de stofwisseling meetbaar te zijn. "Een opmerkelijke bevinding", zegt prof. dr. Ellen Blaak, hoogleraar fysiologie van het vetmetabolisme.

Sleutel die niet past
Blaak: "Veel onderzoeken suggereren dat het microbioom de sleutel kan zijn tot bijvoorbeeld de aanpak van obesitas en de preventie van type 2 diabetes. Dat zijn echter studies die veelal niet bij mensen zijn uitgevoerd. We laten nu zien dat drastische veranderingen van darmbacteriën eigenlijk geen klinisch relevante effecten tot gevolg heeft. Dat betekent wellicht dat we in de toekomst heel anders naar de invloed van het microbioom op onze stofwisseling moeten kijken."

Het onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met onderzoekers van de Wageningen Universiteit, het AMC te Amsterdam en de Universiteit van Kopenhagen binnen het Top Institute for Food and Nutrition (TIFN), een publiek-private samenwerking van wetenschap en voedingsindustrie.