Afkijken bij de natuur: wat teken ons kunnen leren over hart- en vaatziekten

Teken, bloedzuigende motten en giftige slangen: niet bepaald dieren waar je graag mee te maken hebt. Maar voor hoogleraar Biomimetische Chemie Ingrid Dijkgraaf zijn ze juist een bron van inspiratie. Binnen onderzoeksinstituut CARIM onderzoekt zij hoe stoffen uit deze dieren kunnen helpen bij het vroegtijdig opsporen van gevaarlijke aderverkalking. Dit kan op termijn leiden tot betere behandeling van hart- en vaatziekten, en dus minder leed voor patiënten.

De gevaren van plaque

Hart- en vaatziekten zijn wereldwijd nog steeds een van de grootste doodsoorzaken. Een belangrijke boosdoener is plaque: vettige ophopingen in de vaatwand die kunnen leiden tot een hartinfarct of beroerte. “Sommige plaques zijn stabiel en blijven jarenlang rustig zitten”, legt prof. dr. ir. Dijkgraaf uit. “Maar instabiele plaques kunnen openscheuren. Dan komt de inhoud in contact met het bloed, waardoor een stolsel ontstaat. Dat is levensgevaarlijk.” 

Eerder deed ze onderzoek naar het zichtbaar maken van die instabiele plaques, in eerste instantie in muizen. Dat deed ze met  eiwitten die in het lab zijn gemaakt, gebaseerd op de ontstekingseiwitten die bij de vorming van plaque betrokken zijn. Maar die eiwitten komen ook van nature in het menselijk lichaam voor, wat het lastig maakte om ze goed van elkaar te onderscheiden.

Ingrid Dijkgraaf
Ingrid Dijkgraaf
Teek

Afkijken bij teken

Samen met een collega besloot Dijkgraaf het over een andere boeg te gooien. “We doken de literatuur in en ontdekten dat teken stoffen aanmaken die ontstekingseiwitten uitschakelen. Die stoffen lijken totaal niet op onze eigen eiwitten – en dat maakt ze perfect om instabiele plaques vroeg mee op te sporen.” “Teken zijn heel goed in het stilhouden van de afweerreactie en bloedstolling. Als een teek je bijt, probeert je lichaam die indringer meteen aan te pakken. Maar dat komt de teek niet uit, want die wil rustig blijven zitten. Daarom zorgen ze ervoor dat je lichaam nauwelijks reageert op de beet, en je bloed niet stolt.

Klein maar krachtig

Het doel van Dijkgraaf en haar team is om de actieve bestanddelen uit tekeneiwitten na te maken, te verkleinen en te verbeteren. “Soms zijn de oorspronkelijke eiwitten te groot om goed te gebruiken in het menselijk lichaam. Kleinere versies kunnen sneller op de juiste plek komen en geven minder bijwerkingen.” Door zulke stoffen te ontwikkelen, kunnen artsen in de toekomst instabiele plaques veel eerder opsporen – nog voordat ze klachten veroorzaken. “Dat betekent dat je eerder kunt ingrijpen: gezonder eten, meer bewegen of een lage dosis medicijnen. En misschien kunnen we zo zelfs zware ingrepen of langdurig gebruik van bloedverdunners voorkomen.”

Verder kijken: vaccins en toepassingen

Dijkgraafs onderzoek blijft niet bij teken, ze kijkt ook naar kikkers en slangen. “Op de huid van sommige kikkers zitten stoffen die – net als bij teken – de bloedstolling remmen. Slangen hebben dat effect ook in hun gif, zodat ze je beter kunnen verteren,” lacht ze. “En wie weet kunnen we ook iets met bloedzuigende motten. Ik wist niet eens dat die bestonden!” 

Voor Dijkgraaf is het onderzoek pas echt geslaagd als het terechtkomt bij de patiënt. Tegelijk hoopt ze dat haar werk bijdraagt aan een bredere bewustwording. “We moeten zuinig zijn op onze natuur. Zelfs dieren die we eng vinden, kunnen ons iets leren. Dieren zijn er al miljoenen jaren, we kunnen alleen maar bij ze afkijken.”

Dit verhaal is een bewerking van een artikel dat de Universiteit Maastricht eerder publiceerde naar aanleiding van de inaugurele rede van Ingrid Dijkgraaf als hoogleraar Biomimetische Chemie. 

Sluit de enquête
Geef uw mening over de website, of vertel ons hoe wij onze website kunnen verbeteren.
De volgende links voor privacy en servicevoorwaarden behoren tot de reCAPTCHA-plugin van Google.