Is voorkómen goedkoper dan genezen?

Preventie betekent voor professor Mickaël Hiligsmann ‘alles wat kan helpen om gezondheidsproblemen te voorkómen’. Voorbeelden zijn vaccinaties, hulp bij stoppen met roken, of het bevolkingsonderzoek naar darm- en borstkanker. Hij doet al jaren onderzoek naar de economie van preventie, oftewel de kosten en baten. Niet toevallig doet hij dat in Maastricht: het Maastricht UMC+ ambieert een nationaal kennis- en expertisecentrum op dit gebied te zijn.

Als het balletje anders was gerold, was Mickaël Hiligsmann (44) geen hoogleraar, maar profvoetballer geworden. Jarenlang voetbalde hij in Belgische ploegen die qua niveau vergelijkbaar zijn met het huidige MVV. “Door eerst mijn studie economie tot mijn 22ste en later mijn werk aan de universiteit te combineren met meerdere trainingen per week, en ook een gezinsleven, ben ik goed geworden in het plannen en organiseren van mijn taken. Veel ballen tegelijk in de lucht houden, inderdaad”, glimlacht hij. 
De Belg is geboren en getogen in het Franstalige deel tussen Eupen en Verviers, waar hij nog altijd woont, met zijn vrouw en twee dochters. “We wonen landelijk, wat erg helpt om in balans te blijven. In het jaar dat ik naar de Universiteit Maastricht kwam, 2011, werd onze jongste geboren én stopte ik met voetballen. Ik vond het belangrijker om meer thuis te zijn voor mijn gezin.” Tegen die tijd was het ook duidelijk dat de toen 30-jarige Hiligsmann geen profvoetballer meer zou worden, maar gegrepen was door de wetenschap. Bewegen, voor een gezonde leefstijl, doet hij nu vooral wandelend en fietsend. 

Van Luik naar Maastricht

Dat hij na zijn studie economie een proefschrift schreef binnen de gezondheidseconomie, was geen vooropgesteld plan. “Een collega wees me op een professor uit de geneeskundefaculteit die een econoom zocht voor een project van een paar maanden. Daar vloeide mijn promotietraject uit voort, aan de Universiteit van Luik. Gezondheidseconomie heeft een duidelijke link naar de praktijk en daar wilde ik graag iets aan bijdragen. Luik heeft geen grote groep gezondheidseconomen, maar Maastricht wel. Ik bezocht regelmatig hun symposia en zo ontstond er een mogelijkheid hier te komen werken. Na twee jaar kreeg ik een vast contract en zo ben ik de afgelopen jaren een beetje doorgegroeid”, zegt hij bescheiden. De titel hoogleraar is immers slechts weggelegd voor de beste onderzoekers, die bovendien nog aan twee andere belangrijke kenmerken voldoen. “Ik vind het leuk om heel hard te werken én ik heb af en toe wat geluk gehad”, zegt hij. Sinds mei 2025 is hij hoogleraar ‘Health Preferences and Economics of Prevention’ aan onderzoeksinstituut CAPHRI van de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences, een van de faculteiten van de Universiteit Maastricht. Deze benoeming past bij de ambitie van ziekenhuis en universiteit om samen toonaangevend te zijn in preventie en vitaliteit. “Nooit heb ik vooraf bedacht dat ik hoogleraar wilde worden. Maar nu het zover is, ben ik er heel blij mee. Mijn ouders hebben niet gestudeerd, maar me wel altijd meegegeven dat ik goed mijn best moest doen. ‘Het kan altijd beter’, zei mijn vader vaak, ook aan de rand van het voetbalveld.”

Michael Hiligsmann_staand
Mickaël Hiligsmann

Een voorbeeld

Zijn leerstoel, oftewel het onderwerp waarop zijn onderzoek zich richt, is naast de economische kant van preventie ook de mening van de bevolking, voor wie preventiemaatregelen immers bedoeld zijn. Als voorbeeld geeft hij een onderzoek dat hij twee jaar na de coronapandemie deed, naar de voorkeuren van mensen voor een vaccinatie. Vinden mensen het belangrijk dat een vaccin langer beschermt, of dat er na de inenting geen bijwerkingen optreden? Speelt het aantal spuiten dat ze moeten gaan halen een belangrijke rol? “Daar kwam bijvoorbeeld uit dat vooral de beschermingsduur van een vaccin heel belangrijk was. Wanneer de overheid graag wil dat zoveel mogelijk mensen een vaccin gaan halen, is dat dus een belangrijk aandachtspunt.”

De uitdagingen

Dit is een eenvoudig voorbeeld, terwijl preventie in de praktijk een heel complex verhaal is. “Preventie moet iets opleveren, voor iedereen, maar het is niet altijd goedkoper dan niks doen. Daarnaast is het een verhaal van de lange adem, terwijl politici vaak liever op korte termijn mooie resultaten zien. En dan is het ook nog zo dat degene die investeert in preventie, bijvoorbeeld het bedrijf dat gezonde lunches regelt voor zijn werknemers, niet per se degene is die er de vruchten van plukt, bijvoorbeeld omdat de werknemer tegen die leeftijd elders werkt.” Een ander voorbeeld dat de complexiteit illustreert, is het onderzoeksproject dat hij samen met de Universiteit Twente doet. “We ontwikkelen een screeningsprogramma waarmee mensen thuis, online, kunnen checken of ze een verhoogd risico hebben op ziektes, denk aan cardiovasculaire aandoeningen. Als dat zo is, worden ze aangespoord om naar de huisarts te gaan voor vervolgonderzoek. Maar de huisartsenzorg in Nederland staat op dit moment al behoorlijk onder druk, dus hebben zij genoeg capaciteit om die extra onderzoeken te doen? In een ideale wereld is screening als preventiemaatregel heel efficiënt, maar de wereld is helaas niet ideaal. Toch ben ik ervan overtuigd dat we meer aan preventie moeten doen. Het is een manier om de zorg betaalbaar en toegankelijk te houden voor iedereen.” 

Tekst gaat verder onder de foto.

Ambitie

Het draait in het Maastricht UMC+ niet alleen om genezen, maar óók om het voorkomen van ziekte door preventie en het stimuleren van een gezonde leefstijl. Het MUMC+ heeft de ambitie om hét nationale kennis- en expertisecentrum voor preventie en vitaliteit te zijn. Zeker in de regio (Zuid-)Limburg, met een relatief hoog aantal mensen met chronische ziekten en bijvoorbeeld (ernstig) overgewicht, is aandacht voor gezond leven essentieel. Zo kunnen we samen de gezondheidsverschillen aanpakken en de gezondheidszorg uiteindelijk toegankelijk houden. 

Michael Hiligsmann_wandelend

Onderbouwde keuzes helpen maken

Om de gezondheidseffecten en financiële gevolgen van preventie beter inzichtelijk te maken en te benutten, heeft het demissionaire kabinet opdracht gegeven om een investeringsmodel voor preventie te ontwikkelen. Hiligsmann is hierbij betrokken. In opdracht van het RIVM werkt hij met zijn team momenteel aan een instrument om de effecten van preventiemaatregelen te beoordelen. Het RIVM test dit ‘afwegingskader’ momenteel aan de hand van vier casussen; het team van Hiligsmann is verantwoordelijk voor de casus obesitas, waarin zowel de gezondheidswinst als de economische impact van interventies in kaart worden gebracht. Ze onderzoeken concreet de optie van een verbod op fastfood-restaurants binnen een straal van vierhonderd meter van een school of park. Welke invloed zou dat hebben op de gezondheid van met name jongeren? Wat kost het en wat levert het op? Voor de samenleving, maar ook voor het individu? “We willen een manier ontwikkelen waarmee de overheid en partijen als het RIVM wetenschappelijk onderbouwde keuzes kunnen maken als het om preventie gaat.” 

Waarde aantonen

Omdat de budgetten voor gezondheidszorg altijd onder druk staan, vindt Hiligsmann het belangrijk om wetenschappelijk aan te tonen dat preventie zinvol is, zowel financieel als maatschappelijk. “Dat is het doel van mijn leerstoel: de economische en maatschappelijke waarde van preventie aantonen, gekoppeld aan de behoeften en waarden van de patiënt. Dat kan beleidsmakers helpen weloverwogen keuzes te maken, bijvoorbeeld bij het verdelen van middelen, het opzetten van preventieprogramma’s en het stimuleren van gezonde leefstijlinterventies.” De hoogleraar is ervan overtuigd dat investeren in de juiste vorm van preventie op lange termijn leidt tot lagere gezondheidszorg-kosten en een verhoogd welzijn van de bevolking.” Begin 2026 verschijnt er ook een rapport van de Coalitie Leefstijl in Zorg, waarin Hiligsmann en collega’s beschrijven wat er nodig is om makkelijker gezonde beleidskeuzes te maken. 

Tekst gaat verder onder de foto.

Verkiezingen

Op 29 oktober zijn de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Een belangrijk moment, want om de zorg betaalbaar, toegankelijk en van hoge kwaliteit te houden zijn politieke keuzes nodig. De NFU, de koepel van Nederlandse umc’s, vraagt om keuzes op onderwerpen, waar preventie er één van is. Want ongezondheid kost Nederland tientallen miljarden per jaar, niet alleen door zorguitgaven, maar bijvoorbeeld ook door mindere arbeidsproductiviteit. Een ambitieus plan om Nederland gezonder te maken en echte samenwerking zijn van levensbelang. De umc’s, waaronder het Maastricht UMC+ met de kennis van Mickaël Hiligsmann en vele andere collega’s, staan klaar om daar aan bij te dragen.

Verkiezingsmanifest

van de Nederlandse umc’s

Klik hier
Mickael Hiligsmann_voetbal2

Parallellen met voetbal

In zijn wetenschappelijke werk bij CAPHRI ziet Hiligsmann nog steeds parallellen met voetbal. “Je moet in beide velden het beste geven van wat je hebt. En het is ook beide teamwerk.” Zijn brede interesse (hij is geïnteresseerd in allerlei terreinen waar preventie een rol kan spelen en zal zich nooit op één onderwerp, zoals obesitas, vastpinnen, zegt hij) maakt hem in voetbaltermen een ‘sterke middenvelder’. “Ik vind het ook heel boeiend om promovendi te begeleiden, ook als ze parttime en vanuit het buitenland komen. In totaal begeleid ik momenteel zo’n vijftien promovendi en postdoc-onderzoekers, onder wie onderzoekers uit Libanon, Zimbabwe, India, Nieuw-Zeeland, Duitsland en Engeland. Ik ben altijd beschikbaar voor hen en hou van het delen van kennis. Het past bij mijn werkveld, maar ook bij mij.” 

Sluit de enquête
Geef uw mening over de website, of vertel ons hoe wij onze website kunnen verbeteren.
De volgende links voor privacy en servicevoorwaarden behoren tot de reCAPTCHA-plugin van Google.