Wanneer een kermisattractie te veel is voor je slagader

Het Marfansyndroom is een bindweefselaandoening die zich uit in uiterlijke kenmerken zoals lange vingers, grote voeten en hyperflexibiliteit. Toch zijn deze uiterlijke tekenen niet het grootste probleem voor mensen met deze aandoening. ‘Patiënten met Marfan krijgen vaak te maken met aneurysma’s: verwijdingen in hun lichaamsslagaders die zich kunnen ontwikkelen tot een scheur’, vertelt Pepijn, promovendus in het MUMC+. Als zo'n scheur ontstaat, raken vitale organen zoals de hersenen en het hart afgesneden van bloed, en moet er snel worden ingegrepen om overlijden te voorkomen. 

In het Maastricht UMC+ onderzoeken artsen en wetenschappers het Marfansyndroom sinds 2019. Ze werken hierbij nauw samen met patiënten. Promovendus Pepijn Saraber en patiënte Diana Maas vertellen over de kansen en uitdagingen binnen deze studie, die belangrijke inzichten kan opleveren voor patiënten met Marfan en alle andere patiënten met slagaderverwijdingen.

Een elastiekje onder hoogspanning

‘Marfan is geen ziekte, maar een genetische aandoening,’ vertelt Pepijn. Hij legt uit dat het wordt veroorzaakt door een mutatie in het FBN1-gen, dat de productie van elastine, een belangrijk eiwit in bindweefsel, beïnvloedt. Door deze mutatie wordt het bindweefsel verzwakt en ontstaat er een verhoogde kans op verwijdingen van lichaamsslagaders (aneurysma’s). 

Bij mensen zonder Marfan is de wand rondom de slagaders zo elastisch als een nieuw elastiekje. Als er druk op komt, bijvoorbeeld omdat je hart harder moet pompen bij het sporten, rekt de wand mooi mee. Maar bij patiënten met Marfan is het alsof het een oud en droog elastiekje is, dat snel kan scheuren. Hierdoor scheurt de wand sneller als er druk op komt te staan, bijvoorbeeld omdat het hart opeens heel veel bloed moet rondpompen.  

pepijn saraber
Onderzoeker Pepijn Saraber
diana maas
Diana Maas heeft het syndroom van Marfan

‘Gewoon een brilletje’

Diana Maas (50 jaar) wist al vroeg dat ze het Marfansyndroom had. Het kwam voor in haar familie, maar de kennis over de aandoening was in de jaren tachtig nog beperkt. Ze had oogklachten en kreeg “gewoon een brilletje”. Daarmee was de kous af. Voor Diana begonnen de klachten pas echt op haar tweeëntwintigste. Dat was het begin van een leven vol controles en behandelingen, telkens met het besef dat haar lichaam zich anders gedraagt dan bij gezonde mensen. 

‘Toen ik begin twintig was moest ik voor buikklachten een echo laten maken. Ze kwamen erachter dat mijn slagader verwijd was, wat gek is op die leeftijd.’ Ze zou twee jaar later op controle moeten komen, maar drong er zelf op aan om eerder terug te gaan: ‘Op een gegeven moment zag je mijn hartslag in mijn buik en ik dacht: dit klopt niet’. Het bleek dat ze met spoed geopereerd moest worden. Het werd haar eerste aorta-operatie. Er volgden er nog 13 voor haar vijftigste verjaardag. Nummer 15 was in 2024 en is hopelijk de laatste: ‘Er is nu geen enkel stukje meer over van mijn eigen aorta’. 

 

Op het randje: de race tegen de klok bij aneurysma’s

Wanneer een aneurysma scheurt, is het vaak een race tegen de klok. ’17 procent van de patiënten overlijdt voor ze bij het ziekenhuis aankomen en zelfs als een patiënt op tijd bij ons aankomt voor een spoedoperatie, is de kans op overlijden of complicaties groot’, vertelt Pepijn. Hij komt bij een spoedoperatie snel op zijn fiets naar het ziekenhuis geracet en is er binnen tien minuten. Voor de operatie maakt hij een filmpje van de slagaders voor zijn onderzoek, om te kijken hoe soepel ze bewegen. Dat combineert hij met de gegevens die hij eerder over een patiënt heeft verzameld. Zo probeert hij een verband te leggen tussen de hoeveelheid elastine in het bindweefsel bij patiënten met Marfan en het risico op een scheuring. 

Diana maakte twee keer zelf een spoedoperatie mee omdat haar slagader scheurde. In 2005 voelde ze zich opeens heel onrustig toen ze na afloop van de kermis in een café nog een drankje dronk met wat vrienden. Er bleek een scheur te zijn ontstaan in het afbuigende deel van haar aorta. Iets dat tijdens eerder controles helemaal niet zichtbaar was. ‘Ik was in zo’n bungee-bal geweest en de druk was blijkbaar te hoog voor mijn aders’. Ze hoefde niet geopereerd te worden en de aderwand herstelde zich met bedrust en veel bloeddrukverlagende medicijnen. Maar in 2014 scheurde het opnieuw op precies dezelfde plek. Nu was er geen aanleiding en stond ze gewoon onder aan de trap, klaar om naar bed te gaan. De ambulance wilde eerst niet eens komen, want “hoe wist zij dat ze iets aan haar aorta had?”. De operatie slaagde, ‘op het randje’. 


diana maas
Diana Maas onderging 15 aorta-operaties

 

Een openhartoperatie

Als een verwijding aan de aorta geopereerd moet worden dan gebeurt dit meestal in een openhartoperatie. Artsen leggen tijdens deze operatie de volledige borstkast open en het hart moet tijdelijk worden stilgezet. Zo kunnen chirurgen veilig aan de slagader opereren. Een apparaat neemt het pompen van het hart over. Chirurg Elham Bidar is een van de chirurgen in het MUMC+ die de lastige ingreep uitvoert. ‘De risico’s zijn enorm,’ vertelt hij. ‘Het overlijdensrisico bij een spoedoperatie is 25%’. Hij hoopt dat door het onderzoek van Pepijn minder operaties nodig zijn en acute situaties kunnen worden voorkomen.   

 

Op weg naar een nieuwe gouden standaard

Op dit moment bepalen chirurgen aan de hand van de diameter van het aneurysma of een operatie noodzakelijk is. Deze ‘gouden standaard’ is niet ideaal, legt Pepijn uit, want maar bij twee tot vier procent van de patiënten scheurt de ader. Pepijn: ‘We kunnen ons geen onnodige risico’s veroorloven, want als een aneurysma toch scheurt, is de kans op overlijden erg groot’.

Bij patiënten met Marfan ontwikkelt het aneurysma zich erg vaak tot een scheur, en de onderzoekers hopen met hun onderzoek uit te vinden waarom dit het geval is. Zo kunnen ze hopelijk straks ook bij patiënten zonder Marfan voorspellen wanneer een aneurysma gevaarlijk is. ‘Als we weten welke patiënten een scheur ontwikkelen, kunnen we beter inschatten wanneer een operatie écht nodig is en zo onnodige risico’s vermijden.’ Diana hoopt dat het nieuwe onderzoek ook het verloop van Marfan inzichtelijker maakt: ‘Wie weet zouden ze met de onderzoeksresultaten ook de onverwachte scheuringen in 2005 en 2014 hebben kunnen verklaren, en was een spoedoperatie dan niet nodig geweest’. 


pepijn saraber
Onderzoeker Pepijn Saraber

 

Stamcelonderzoek en een gepersonaliseerde behandeling

Binnen het Marfan-onderzoek speelt het stamcellab van het Maastricht UMC+ een belangrijke rol. Leon Schurgers, hoofd van het stamcellab, legt uit dat er duizenden verschillende mutaties zijn die kunnen leiden tot het Marfan syndroom. Hierdoor is het ontwikkelen van één enkele behandelmethode moeilijk. ‘We kijken welke medicatie werkt, en onderzoeken ook de unieke eigenschappen van de stamcellen van patiënten,’ zegt Schurgers. ‘Hierdoor kunnen we de behandeling steeds verder afstemmen op de individuele behoeften van elke patiënt, dat sluit goed aan bij de trend om steeds meer behandelingen te personaliseren.’

 

Marfan hebben is als koorddansen

Een leven met Marfan is een lastige zoektocht naar balans die niet zelden voelt als koorddansen, vertelt Diana. Je bent sneller moe en soms volgen operaties zich razendsnel op. Diana: ‘Na een operatie zijn de mensen om je heen blij dat je nog leeft, maar voor jou begint het dan pas.’ Er zijn mentale, fysieke en financiële gevolgen, bijvoorbeeld omdat je al jong niet meer kunt werken. Voor vrouwen met Marfan is een bevalling niet zonder risico en de kans dat jouw kind ook Marfan heeft is vijftig procent. 

Het is bovendien een erg onvoorspelbare aandoening, waarbij de klachten ook binnen gezinnen enorm in ernst kunnen verschillen, zo vertelt Diana: ‘Mijn moeder moest diverse oogoperaties ondergaan, ik 15 operaties aan mijn aorta. Diana zelf heeft zich al vroeg neergelegd bij het feit dat ze plotseling kan overlijden en het geeft haar rust dat ze al haar zaken – een nabestaandenverzekering, een testament –  goed geregeld heeft. Maar, ze hoopt dat dit voor een nieuwe generatie patiënten niet langer nodig is. 

Een hoopvolle toekomst voor patiënten met aneurysma’s

Het onderzoek dat nu in Maastricht wordt gedaan biedt patiënten met slagaderverwijdingen hoop op een leven met minder risico en meer balans. Het team van het MUMC+ werkt aan methoden om op termijn mogelijk zelfs genetische mutaties te kunnen corrigeren of het bindweefsel te versterken.  ‘We willen uiteindelijk in staat zijn om aneurysma’s niet alleen te voorkomen, maar misschien zelfs te genezen,’ zegt Pepijn. Hoewel het nu nog toekomstmuziek is, laat het onderzoek zien dat er een weg vooruit is, eentje waarin (spoed)operaties voor patiënten met slagaderverwijdingen minder vaak nodig zijn. Dit zou betekenen dat patiënten zoals Diana minder vaak worden geconfronteerd met de risico’s van operaties en hun kwaliteit van leven verbetert. 

Sluit de enquête
Geef uw mening over de website, of vertel ons hoe wij onze website kunnen verbeteren.
De volgende links voor privacy en servicevoorwaarden behoren tot de reCAPTCHA-plugin van Google.